Mijn watchlist
Fundamentele analyse

Rheinmetall

|
Leestijd: ca. 10 minuten
Terug naar overzicht
Isin Valuta K/W Div. rend. Duurzaam Technisch Sector
DE0007030009 EUR 27.7 1.48 Responsible Aerospace & Defense

Rheinmetall levert militair materieel en systemen voor de wereldwijde defensiemarkt. Het bedrijf opereert vooral in Europa, waar defensiebudgetten fors worden verhoogd na jaren van onderinvestering. Door de nieuwe geopolitieke realiteit investeren NAVO‑landen versneld in herbewapening, wat de vraag naar Rheinmetalls gepantserde voertuigen, wapensystemen en munitie ondersteunt. Deze dominante sectortrend onderstreept Rheinmetalls kernpositie in de Europese defensie‑industrie.

Europa's grootste defensieaandeel dat is toegestaan binnen ons beleid

Rheinmetall AG is een wereldwijd actieve toeleverancier van defensietechnologie en mobiliteitsoplossingen. Het bedrijf produceert een breed assortiment, van gepantserde voertuigen, tanks en vrachtwagens tot wapens, munitie en complete luchtafweersystemen. Daarnaast levert een kleinere tak dieselmotoren, zuigers en andere motoronderdelen voor de civiele auto‑industrie. Rheinmetall is organisatorisch ingedeeld in vier divisies: Vehicle Systems, Power Systems, Weapon & Ammunition en Electronic Solutions, die respectievelijk circa 39%, 21%, 26% en 13% van de groepsomzet genereren. Ruim 80% van de omzet komt uit militaire producten en diensten. De automotive (Power Systems)‑divisie, goed voor ongeveer 20% van de omzet en lagere marges, is eind 2025 als ‘discontinued’ aangemerkt met het oog op een voorgenomen verkoop. Rheinmetall behaalde een omzet van €9,9 miljard in FY25 bij een operationele marge van 18,5%.

De defensie-industrie heeft oligopolistische kenmerken

In de defensie-industrie bieden relatief weinig spelers op een beperkt aantal hoogwaardige contracten. Ook hebben ze vaak nauwe zakelijke relaties met overheidsfunctionarissen en -organen. Nieuwe toetreders worden geconfronteerd met hoge toetredingsdrempels. Rheinmetall’s grootste concurrenten zijn BAE Systems, Leonardo en Saab. Volgens Rheinmetall’s ceo is consolidatie in Europa’s defensiesector nodig, evenals een verhoging van de defensiebudgetten. Die beweging is inmiddels ingezet: de meeste NAVO‑landen hebben inmiddels toegezegd 3,5% van hun bbp aan defensie te besteden. Deels onder druk van president Trump, die dreigt de militaire steun aan de NAVO te herzien als er niet meer wordt geïnvesteerd. Maar ook om Oekraïne te steunen, nu de Amerikaanse steun lastiger te voorspellen is, en om Europa beter te kunnen beschermen. In de komende tien jaar kunnen de investeringen in defensie zelfs oplopen tot meer dan €3.000 mld. In de afgelopen dertig jaar is er echter zeer weinig in defensie geïnvesteerd. De Europese productiecapaciteit is op dit moment dan ook vrij beperkt, al wordt deze wel snel uitgebreid. Dit betekent dat in de eerste jaren een deel van al deze investeringen Europa uitgaat, bijvoorbeeld naar de VS. Europa heeft echter voorgesteld dat over enkele jaren een groter deel van de investeringen in Europa plaats moet vinden. Momenteel wordt ongeveer 40% van het defensiematerieel gekocht van Europese leveranciers, doelstellingen zijn om dit te verhogen naar 50% in 2030 en 60% in 2035.

Resultaten - Q2'26

Hoogtepunten kwartaalcijfers Q2'26 %joj Consensus
Omzet (in mln) € 3.289 +68,80% € 3.158
Omzet Vehicle Systems (in mln) € 1.446 +53,02% € 1.298
Omzet Weapons & Ammunition (in mln) € 1.156 +59,67% € 1.120
Omzet Digital Systems (in mln) € 471 - € 488
Omzet Air Defence (in mln) € 285 - € 221
Omzet Naval Systems (in mln) € 257 - € 309
Aangepaste operationele marge 17,10% +370 bps 14,90%
Aangepaste winst per aandeel € 6,30 +122,61% € 6,51
Belangrijke prestatie-indicatoren Q2'26 %JoJ Consensus
Orders (in mln) € 11.371 +476,00% € 8.500
Orderboek (in mln) € 80.467 +44,00% € 80.755
Management prognose lopend jaar FY'26 Eerder
() Omzet (in mln) €13.700 - €14.200 €14.000 - €14.500
Aangepaste operationele marge ~19% ~19%

Sterke operationele uitvoering ondersteunt winstgroei, verwachtingen voor orderportefeuille aangescherpt

De omzet en marge kwamen in het tweede kwartaal beide hoger uit dan verwacht. De omzet steeg met 69% ten opzichte van een jaar eerder, terwijl de aangepaste operationele marge opliep naar 17,1%. Volgens het management kan dit niveau voor het volledige jaar zelfs nog conservatief blijken. De gerapporteerde winst per aandeel bleef achter bij de verwachtingen van analisten, maar dit was volledig toe te schrijven aan posten onder het operationele resultaat en niet aan een verslechtering van de onderliggende prestaties. De belangrijkste ontwikkeling in het kwartaal was de neerwaartse aanpassing van de verwachting voor de orderportefeuille aan het einde van het jaar naar meer dan €100 miljard, tegenover circa €135 miljard eerder. Deze wijziging hangt vrijwel volledig samen met het Arminius Boxer-programma. Waar aanvankelijk werd uitgegaan van één vaste order en één raamovereenkomst, bestaat het nieuwe voorstel uit één vaste order, twee raamovereenkomsten en een afzonderlijk servicecontract. De totale potentiële contractwaarde neemt daarmee per saldo met circa 8% toe ten opzichte van eerdere verwachtingen. De nieuwe structuur brengt echter meer onzekerheid met zich mee rond het goedkeuringsproces. Overheden kunnen er bijvoorbeeld voor kiezen eerst slechts een deel van de raamovereenkomsten goed te keuren. Om deze onzekerheid te weerspiegelen heeft het management de raamovereenkomsten van het Arminius-contract volledig buiten de verwachting voor de orderportefeuille in 2026 gelaten. De nieuwe doelstelling van meer dan €100 miljard weerspiegelt daarmee een bewust conservatievere benadering, mede ingegeven door eerdere vertragingen in de timing van orders. De eerder gemelde annulering van het F126-fregatprogramma leidde daarnaast tot een verlaging van de omzetverwachting voor 2026 met €300 miljoen. Volgens het management gaat het om een geïsoleerd project uit het verleden, zonder gevolgen voor het Arminius-programma of het bredere Duitse defensiebeleid. Verder werd de verwachting voor investeringen in productiecapaciteit aanzienlijk verlaagd naar 8% tot 9% van de omzet, ten opzichte van circa 16% eerder. Deze aanpassing hangt samen met de fasering van projecten en een efficiënter gebruik van bestaande productiefaciliteiten. Het management benadrukte dat dit geen gevolgen heeft voor de groeidoelstellingen voor 2027 en 2028. Mogelijk wijst het zelfs op een structureel efficiëntere inzet van kapitaal. ​​​​​​​

Kansen

  • De Europese defensie-uitgaven zullen in de komende tien jaar aanzienlijk stijgen.
  • Hogere verkoopvolumes leiden tot een hogere winstgevendheid (op de korte termijn deels beperkt door capaciteitsuitbreidingen) en daarmee tot grotere aandeelhoudersprogramma’s (dividend, introductie aandeleninkoop).
  • De ordervoorraad biedt een hoge inkomensvoorspelbaarheid, evenals de langetermijncontracten die het concern hanteert.
  • Wijzigingen in NAVO-regelgeving kunnen positiever uitvallen voor Rheinmetall dan op dit moment is ingeprijsd.

Risico's

  • Vertragingen in contracten door budgetproblemen van overheden of het onvermogen van Rheinmetall om een redelijk deel van de groeiende budgetten binnen te slepen.
  • Dat veel onderdelen van meerdere leveranciers komen, wijst op risico's in de toeleveringsketen. Een enorme groeistijging in een korte periode vergroot daarbij de uitvoeringsrisico’s.
  • Verhoogde kapitaalinvesteringen wegen op de vrijekasstroomopwekking in 2025/26.
  • Conflictoplossingen staan mogelijk voor de deur, waardoor het sentiment (tijdelijk) kan omslaan.

Duurzame Analyse

Dit bedrijf is onderdeel van het verantwoord universum. Er is geen sprake van zeer ongewenste bedrijfsactiviteiten en of zeer controversieel gedrag. De toets op duurzaamheid is uitgevoerd door de analisten duurzaam beleggen bij het ING Investment Office.

Disclaimer

Deze beleggingsaanbeveling is opgesteld door IIO-analist Kenneth Bartelet en is uitgebracht door ING Bank N.V. De beloning van de analist is niet afhankelijk van specifieke aanbevelingen of standpunten in deze aanbeveling. De beleggingsaanbeveling is gebaseerd op betrouwbare bronnen.

Disclaimer

TA legenda

long
stijgende trend
neutral
zijwaartse trend
short
dalende trend

NFI legenda

++
sterke voorloper
+
voorloper
=
middenmoter
-
achterblijver
nb
niet beschikbaar

Gehanteerde begrippen

Div. rend.
Dividendrendement; getaxeerde dividend (consensusverwachting volgens Bloomberg) over lopende kalenderjaar als percentage van de koers.
K/W*
Koerswinstverhouding; actuele koers gerelateerd aan de getaxeerde winst (consensusverwachting volgens Bloomberg) per aandeel van lopende kalenderjaar.
NFI
De Niet-Financiële Indicator geeft weer hoe een onderneming scoort, ten opzichte van branchegenoten, op duurzaam beleid en de implementatie hiervan.
Uitsl.
Staat voor Uitsluitingen wegens ongewenst gedrag of ongewenste activiteit. In geval van een 'ja' is een aandeel niet toelaatbaar voor het duurzaam universum.
* Bij de Amerikaanse vastgoedfondsen wordt gebruikt gemaaktvan de verhouding tussen de koers en ‘funds from operations’ (FFO) in plaats van de koerswinstverhouding. Deze maatstaf wordt berekend door aan de nettowinst de afschrijvingen van het vastgoed toe te voegen en winsten op de verkoop van vastgoed hiervan af te trekken.

Toetsing duurzaamheid

Om de duurzaamheid van ondernemingen te bepalen, verricht de ING twee verschillende toetsen: een positieve toets en een negatieve toets. Het bedrijfsbeleid en de inspanningen op de facetten mens, milieu en maatschappij staan centraal bij de positieve toets. Uit deze toetsing volgt een (binnen de sector relatieve) score, resulterend in de niet-financiële indicator (NFI). Uit de negatieve toets volgt in welke mate ondernemingen ongewenste activiteiten ontplooien en/of gedrag vertonen op thema’s als mensenrechtenschendingen, corruptie, arbeidskwesties en milieudelicten. Een aandeel moet op beide toetsen positief scoren om onderdeel te zijn van het 'duurzaam universum'.

Belangrijke informatie

Deze beleggingsaanbeveling is opgesteld en uitgebracht door het ING Investment Office, onderdeel van ING Bank N.V., op . Voor het opstellen van deze beleggingsaanbeveling is gebruik gemaakt van de volgende wezenlijke informatiebronnen: Credit Suisse, BofA Securities, Goldman Sachs, Bloomberg, CreditSights, UBS, Standard & Poor’s, Moody’s, Fitch, ING FM, Citi, J.P.Morgan, Thomson Reuters Datastream, Sustainalytics of Reuters Metastock. Deze beleggingsaanbeveling is gebaseerd op de volgende waarderingsgrondslagen, methoden en aannames: koerswinstverhouding, koersboekwaardeverhouding of net asset value (NAV). Voor deze beleggingsaanbeveling zijn geen beschermde modellen gebruikt. Een beschrijving van het ING- beleid ten aanzien van informatiebarrières en belangenverstrengeling kunt u hier vinden. Tenzij anders vermeld, zal ING Bank N.V. de beleggingsaanbeveling niet actualiseren. Ontwikkelingen die zich na het opstellen van deze beleggingsaanbeveling hebben voorgedaan, kunnen van invloed zijn op de juistheid van de aannames waarop deze beleggingsaanbeveling is gebaseerd. Beleggingsaanbevelingen worden over het algemeen 2 tot 4 keer per jaar herzien. Deze beleggingsaanbeveling behelst geen individueel beleggingsadvies maar slechts een algemene aanbeveling waarop beleggers hun beleggingsbeslissingen mede kunnen baseren en vormt geen uitnodiging tot het aangaan van welke overeenkomst of verbintenis dan ook. Deze beleggingsaanbeveling is gebaseerd op aannames en vormt geen garantie voor een bepaalde ontwikkeling of resultaat. Aan deze beleggingsaanbeveling kunnen geen rechten worden ontleend. Beslissingen op basis van deze beleggingsaanbeveling zijn voor uw eigen rekening en risico. Noch ING Bank N.V. noch ING Groep N.V. noch enige andere rechtspersoon die tot de ING Groep behoort, aanvaardt aansprakelijkheid voor enige schade in welke mate dan ook die voortvloeit uit het gebruik van bovenstaande beleggingsaanbeveling of de daarin opgenomen informatie.