AEX houdt stand terwijl doorbraak Midden-Oosten uitblijft
(ABM FN-Dow Jones) De Amsterdamse beurs hield afgelopen week stand, te midden van de onduidelijkheid over een vredesdeal tussen de Verenigde Staten en Iran, maar ook de belangrijke Amerikaanse banenrapporten en inkoopcijfers.
De AEX sloot vrijdag op 1.041 punten. Vorige week vrijdag sloot de hoofdindex in Amsterdam op ongeveer 1.035 punten. Het record is 1.053 punten.
Vorige week leek een diplomatieke doorbraak in de Iran-oorlog nog dichtbij, maar nu een week later is er nog steeds geen akkoord tussen Washington en Teheran. De olieprijzen bewogen volatiel op elke nieuwskop, maar stegen wel op weekbasis.
Zolang er geen officiële deal is, "blijven hogere energieprijzen en inflatie een risico", volgens econoom Luc Aben van Van Lanschot Kempen.
Intussen laaien wereldwijd ook de handelsspanningen weer op. Bijvoorbeeld tussen de EU en China, maar ook tussen de VS en de rest van de wereld.
Afgelopen week werd bekend dat Washington importheffingen van minstens 10 procent wil opleggen aan de meeste grote handelspartners, vanwege hun vermeende weigering om goederen die met dwangarbeid zijn gemaakt te verbieden. Onder de beoogde doelwitten zijn China, de Europese Unie en Japan.
Met deze poging lijkt president Donald Trump een nieuw hoofdstuk te beginnen in de tarievensoap. Hij probeert zo zijn eerdere systeem van importheffingen te herstellen, nadat het Amerikaanse Hooggerechtshof in februari nog oordeelde dat de tarieven onwettig zijn.
De beurzen kunnen zich momenteel nog wel optrekken aan de aanhoudende populariteit van AI, ook met de beursgangen van SpaceX en mogelijk ook Anthropic en OpenAI in het vooruitzicht.
Het AI- en ruimtevaartbedrijf van Elon Musk wil komende week 555,6 miljoen aandelen naar de beurs brengen tegen 135 dollar per stuk. De IPO wordt op 11 juni afgerond en zou SpaceX waarderen op 1,8 biljoen dollar. Analisten van Morningstar schatten dat de waarde wellicht uitkomt op 'slechts' 780 miljard dollar. De eerste handelsdag wordt op 12 juni verwacht.
Anthropic, het AI-bedrijf achter chatbot Claude, heeft afgelopen week ook een aanvraag ingediend voor een beursgang. Anthropic wordt gewaardeerd op 965 miljard dollar na een financieringsronde die eerder 65 miljard dollar opbracht.
Voor halfgeleideraandelen was het een moeizame tweede helft van de week, na teleurstellende cijfers van Broadcom. Analisten wezen op een sectorrotatie weg van techaandelen. De Nasdaq verloor vrijdag ruim 4 procent. De daling van ongeveer 1.121 punten was de grootste ooit.
Volgens Swissquote zou dit wel eens een trend kunnen zijn voor de techaandelen deze zomermaanden.
Amerikaanse arbeidsmarkt houdt goed stand
Op macro-economisch vlak was er aandacht voor inkoopcijfers voor de mondiale industrie en dienstensector. De industrie in China en Japan groeide minder hard in mei, wat ook gold voor de industrie in de eurozone.
"Hoewel fabrikanten in de eurozone in mei voor de vierde maand op rij een groei rapporteerden, kampt de sector met tegenwind in de vorm van druk van stijgende prijzen en verstoringen in de aanvoerketen als gevolg van de oorlog in het Midden-Oosten", merkte econoom Chris Williamson van S&P op.
Fabrieken moeten de hogere kosten doorberekenen aan klanten, wat volgens de econoom onvermijdelijk zal leiden tot een stijging van de inflatie in de komende maanden.
"Beleidsmakers zullen er alles aan doen om de inflatie te beteugelen, maar zullen ook voorzichtig zijn met hoe ver de rente kan stijgen, gezien de signalen van een afnemende vraag die zich al voordoen."
De kans dat de Europese Centrale Bank de rente komende week met 25 basispunten zal verhogen, wordt inmiddels bijna volledig ingeprijsd, volgens LSEG.
In de VS groeide de industrie in mei harder dan in de maand ervoor, meldden zowel S&P Global als ISM, maar volgens S&P was dit vooral het gevolg van een aanhoudende voorradenopbouw. Dit maakt het volgens Williamson moeilijk om een nauwkeurig beeld te krijgen van de onderliggende gezondheid van de productie-economie, aangezien de groei zal afkoelen zodra deze voorraadaanleg richting zijn einde gaat, denkt de econoom.
De dienstensector in de eurozone kromp in mei opnieuw, in een tempo dat vergelijkbaar was met de voorgaande maand. Williamson acht een krimp in het tweede kwartaal daarom "zeer waarschijnlijk" en mikt zonder herstel in juni op een daling van het bruto binnenlands product met 0,2 procent. In het eerste kwartaal kromp de economie in de eurozone ook met 0,2 procent, zo werd vrijdag bekend.
Intussen neemt de prijsdruk toe, die inmiddels op het meest zorgwekkende niveau in ruim drie jaar zit. Williamson vreest dat de inflatie richting 4 procent stijgt, wat de ECB niet zal bevallen, al is een renteverhoging tijdens een recessie volgens hem niet zonder risico.
De Amerikaanse economie lijkt vooralsnog beter stand te houden. Zo bleef de dienstensector groeien in mei en stegen de fabrieksorders in april harder dan in de maand ervoor.
Volgens loonstrookverwerker ADP groeide de werkgelegenheid in de private sector in de VS in mei harder dan verwacht, met 122.000 nieuwe banen tegen 105.000 in april. Economen hadden gerekend op 110.000 nieuwe banen. "Dat hebben we in geen jaren meer zo sterk gezien", aldus hoofdeconoom Nela Richardson van ADP. "De banenmarkt laat een aanhoudend momentum zien in aanloop naar de zomer."
Het officiële banenrapport toonde vrijdag ook een veel sterkere groei van de werkgelegenheid dan vooraf voorspeld. In mei kwamen er 172.000 banen bij, terwijl de werkloosheid stabiel bleef, hetgeen ook werd voorzien.
Vooraf werd gerekend op circa 80.000 nieuwe banen, tegenover 115.000 in april. Dat cijfer werd opwaarts bijgesteld naar 179.000. Ook de banengroei voor maart werd naar boven aangepast, van 185.000 naar 214.000.
Volgens Bernard Keppenne van CBC Banque lijkt de Amerikaanse arbeidsmarkt niet langer te verslechteren en heeft AI nog niet tot aanzienlijk banenverlies geleid. Maar de wereldwijde energiecrisis zou als spelbreker kunnen fungeren, waarschuwde de econoom.
Volgens ING heeft het werkgelegenheidsrapport wat van zijn glans verloren, deels vanwege twijfels over de nauwkeurigheid ervan, maar ook omdat de Amerikaanse economie steeds moeilijker is te doorgronden.
De euro/dollar noteerde vrijdag op 1,1545. De dollar werd sterker na het Amerikaanse banenrapport, terwijl de obligatierentes opliepen. De kans op een renteverhoging door de Fed aan het einde van het jaar steeg vrijdag naar 70 procent.