Aperam haalt eigen outlook
(ABM FN) Aperam heeft het eerste kwartaal afgesloten met een lagere omzet en winst maar wel een hogere EBITDA, die iets hoger uitviel dan analisten hadden verwacht. Dit maakte het bedrijf in roestvast staal donderdagochtend bekend.
De omzet kwam uit op 1,58 miljard euro, tegenover 1,66 miljard euro in het eerste kwartaal van vorig jaar.
De aangepaste EBITDA bedroeg 90 miljoen euro. Dat was 67 miljoen euro in vierde kwartaal van 2025. In het eerste kwartaal van 2025 bedroeg de aangepaste EBITDA 86 miljoen euro.
De analistenconsensus ging gemiddeld uit van een aangepaste EBITDA van 87 miljoen euro in het eerste kwartaal, waar Aperam zelf had aangegeven te rekenen op een stijging op kwartaalbasis.
De nettowinst bedroeg 3 miljoen euro, ruim minder dan de winst van 29 miljoen euro in het vierde kwartaal.
De vrije kasstroom vóór het dividend was 44 miljoen euro negatief, waar dit nog 112 miljoen euro positief was in het vierde kwartaal. In het eerste kwartaal van 2025 was dit 574 miljoen euro negatief, maar dit had te maken met de overname van Universal.
De netto schuld liep tot bijna 1,1 miljard euro per 31 maart 2026, tegenover 978 miljoen euro eind 2025.
Omdat vanwege seizoenseffecten meer werkkapitaal nodig is, herhaalde Aperam begin april in een update dat de nettoschuld weer zou zijn gestegen in het eerste kwartaal, zoals bij de jaarcijfers al werd aangekondigd.
"Aperam kende zijn beste start van een jaar in drie jaar tijd, met sterke prestaties in het eerste kwartaal die ons gediversifieerde bedrijfsmodel krachtig bevestigen. Ondanks de duidelijke geopolitieke uitdagingen en energievolatiliteit in 2026 dragen al onze segmenten bij aan waardecreatie", zo stelde CEO Sud Sivaji in een toelichting op de cijfers.
De aankomende handelsbeschermingsmaatregelen van Brussel creëren volgens Aperam een gunstig kader.
Aperam zei dat het voor het tweede kwartaal rekent op een "significant" hogere aangepaste EBITDA dan in het eerste kwartaal.
De fabrikant verwacht daarnaast een licht daling van de nettoschuld, ondanks een seizoensgebonden stijging van het werkkapitaal.