Olieprijs loopt op ● beperkt effect geopolitieke onrust ● beurzen dalen licht
De prijs van een vat Brent-olie steeg gisteren met 1,9% en vanmorgen komt daar nog eens 0,7% bij. De reden achter deze stijging is simpel: spanningen in het Midden-Oosten. Volgens berichten zou president Trump Iran nog maximaal 15 dagen de tijd geven om een deal te sluiten over hun nucleaire programma. Hoe vaak hebben we dit de afgelopen jaren al niet gehoord… Niet vreemd dus, dat beleggers een voorzichtige houding aannemen.
Speculanten drijven olieprijs op
Eén derde van de wereldwijde olieproductie komt uit het Midden-Oosten. Angst voor escalatie maakt olie een favoriet speculatiemiddel. De olieprijs is dit jaar al ruim 18% gestegen naar het hoogste niveau in zes maanden, mede gedreven door ‘short covering’. Speculanten hebben hun shortposities – speculerend op een lagere olieprijs – naar het hoogste niveau in acht jaar getild. Als de prijs dan juist omhoog gaat, moeten ze als een haas hun posities sluiten, wat de prijs nog verder opdrijft. Een soort kettingreactie.
Effect geopolitieke onrust vaak van korte duur
We weten dat het effect van geopolitieke spanningen op de financiële markten meestal van korte duur is. Kijk maar naar het begin van dit jaar, na de situatie rond Venezuela, en er zijn nog tal van voorbeelden. Uitzondering was de Oekraïne-oorlog, die de energieprijzen in grote delen van Europa permanent naar een hoger niveau heeft gestuwd. In dat licht was het sluiten van de Duitse kerncentrales misschien niet zo’n briljant idee. In een nieuwe aflevering van de podcast Blik op de beursweek bespreek ik met Stevan onder andere de ontwikkelingen rond de olieprijs en ander relevant beursnieuws. Luisteren dus!
Tegenvallende bedrijfscijfers wegen op Europese beurzen
We verwachten dat de olieprijs ook nu slechts tijdelijk op een hoger niveau zal liggen, en dat dit voor de winstgevendheid van oliebedrijven niet veel oplevert. Toch voerden olieaandelen (+1,6%) gisteren de boventoon op de Europese aandelenbeurzen. De Stoxx Europe 600-index sloot echter 0,5% lager. Koersdalingen in onder andere de sectoren nutsbedrijven (-1,7%), basismaterialen (-1,1%) en financiële waarden drukten de index. Tegenvallende kwartaalcijfers van Airbus (-6,8%), Rio Tinto (-3,6%) en Renault (-3,1%) vielen slecht. Daartegenover stonden sterke resultaten van Nestlé (+3,9%) en Air France KLM (+12%). Na de mooie rally van de afgelopen maanden is een pas op de plaats overigens helemaal niet zo gek.
Op de obligatiemarkt was het gisteren ronduit saai door een gebrek aan richtinggevend macro-economisch nieuws. De Duitse tienjaarsrente sloot onveranderd op 2,74%.
Dollar bezig aan bescheiden herstel
De Amerikaanse dollar is bezig aan een aardige opmars. Twijfels over het tijdstip van een volgende renteverlaging door de Amerikaanse centrale bank – die naar onze verwachting later zal komen dan eerder gedacht – en een vlucht naar veilige havens stuwen de munt. Gisteren steeg de dollar met 0,3% naar $1,177 tegenover de euro, op weg naar de beste week in vier maanden. Sinds juni vorig jaar beweegt de dollar in een bandbreedte tussen $1,16 en $1,20 tegenover de euro.
Wall Street onder druk ondanks positief economisch nieuws
Geopolitieke spanningen bepaalden gisteren het sentiment op Wall Street. De S&P 500-index sloot 0,3% lager, net als de Nasdaq, en de Dow Jones-index daalde 0,5%. Toch was er positief economisch nieuws te melden. Het aantal eerste aanvragen van een werkloosheidsuitkering daalde naar 206.000, het laagste niveau sinds november. Daarnaast is de Philadelphia Fed Business Outlook gestegen van 12,6 naar 16,3 punten (7,5 verwacht). Ten slotte is de index van leidende indicatoren in december met 0,2% gedaald, volgens verwachting.
Een ander opvallend bericht is dat fondsmanagers eind vorig jaar de grootste onderwogen positie in grote (‘large cap’) IT-aandelen hadden in 17 jaar. Dat biedt perspectief voor de komende kwartalen. Wanneer de kwartaalcijfers meevallen en winstvooruitzichten stabiel blijven, zullen deze aandelen weer moeten worden bijgekocht.
Kans op snelle Japanse renteverhoging daalt
De Japanse inflatie viel in januari licht lager uit dan verwacht (+1,5% tegenover +1,6% verwacht). Hierdoor dalen vanmorgen de Japanse rentes over een brede linie. De tienjaarsrente zakt 4 basispunten naar 2,09%. De kans op een snelle renteverhoging door de Bank of Japan is iets afgenomen, waardoor de yen verzwakt naar 155,2 tegenover de dollar. Een zwakkere yen is doorgaans gunstig voor Japanse aandelen, maar de geopolitieke spanningen drukken vandaag zwaarder. De Nikkei- en Topix-index zijn beide 1,1% lager gesloten.
Zuid-Koreaanse beurs blijft maar stijgen
Elders in Azië is de stemming gemengd. In Hongkong wordt weer gehandeld na de viering van Lunar New Year; de Hang Seng-index staat 1% lager. De Chinese beurzen openen pas volgende week. De Koreaanse Kospi-index blijft maar stijgen: vandaag met nog eens 2,3% en inmiddels bijna 38% in zeven weken. Niet alleen Samsung (+0,6%) maar ook Koreaanse brokers, zoals Mirae Asset Securities (met belangen in SpaceX en xAI), laten enorme koerssprongen zien. De koers is dit jaar verdrievoudigd. Je zou er hoogtevrees van krijgen.
Agenda van vandaag
De futures (termijncontracten) op de Amerikaanse aandelenindices staan rond de 0,3% hoger en wijzen op een hogere opening van Wall Street. Ook de Europese beurzen openen naar verwachting rond de 0,3% hoger. Olieaandelen zullen waarschijnlijk van de hogere olieprijs profiteren.
Op de agenda van vandaag staan onder andere:
- Winkelverkoopcijfers uit het VK
- Voorlopige inkoopmanagersindices van Frankrijk, Duitsland en de eurozone
- Cijfers over de inkomsten en uitgaven van Amerikanen in december
- PCE prijsindex – de belangrijkste inflatiegraadmeter van de Fed
- Economische groei in het vierde kwartaal in de VS
- Inkoopmanagersindices uit de VS (S&P Global)
- Kwartaalcijfers van onder andere Umicore, Air Liquide, Danone, Anglo American en Kingspan
Voor de eurozone wordt een lichte stijging van de inkoopmanagersindex verwacht van 51,3 naar 51,5 punten. Voor de PCE-prijsindex wordt gerekend op een stijging van 0,3% op maandbasis en 2,8% op jaarbasis. Voor de kerninflatie (Core PCE) wordt een stijging van 0,3% op maandbasis verwacht en een versnelling van +2,8% naar +2,9% op jaarbasis. Als dat uitkomt, zal de Fed geen haast maken met het verlagen van de beleidsrente. Verder wordt een groei van 2,8% (geannualiseerd) over het vierde kwartaal verwacht, lager dan de +4,4% in Q3. Tot slot wordt een lichte stijging van de S&P Global inkoopmanagersindex voorzien van 53 naar 53,1 punten.
Goed om te weten
Beleggen brengt risico’s en kosten met zich mee. Je kunt jouw inleg of een deel hiervan verliezen. Lees meer over de risico's van beleggen.
Deze publicatie is opgesteld namens ING Bank N.V., en slechts bedoeld ter informatie. ING Bank N.V. betrekt haar informatie van betrouwbaar geachte bronnen en heeft alle mogelijke zorg betracht om ervoor te zorgen dat ten tijde van de publicatie de informatie waarop zij haar visie in deze publicatie heeft gebaseerd niet onjuist of misleidend is. ING Bank N.V. geeft geen garantie dat de door haar gebruikte informatie accuraat of compleet is. De informatie in deze publicatie kan gewijzigd worden zonder enige vorm van aankondiging. Auteursrecht en rechten ter bescherming van gegevensbestanden zijn van toepassing op deze publicatie. Overneming van gegevens uit deze publicatie is toegestaan, mits de bron wordt vermeld. ING Bank N.V. is statutair gevestigd te Amsterdam, handelsregister nr. 33031431, en staat onder toezicht van De Nederlandsche Bank (DNB) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM). ING Bank N.V. is onderdeel van ING Groep N.V.